17 februari 2007

Lust je nog peultjes?

Een podcast voor het slapengaan. Het hoort inmiddels bij mijn bedritueel. Het probleem is alleen dat er zo'n overweldigend aanbod van podcasts bestaat. Vooral in het begin weet je niet echt wat nu de moeite van het beluisteren waard blijft, maar na enige tijd ga je noodgedwongen schiften en houd je favoriete podcasts over die je wekelijks van internet plukt.
Wat luister ik momenteel? Naast Bommel de podcasts van Nachtvluchten, Kunststof en Simek 's Nachts die mij boeiend of amusant lijken. Ligt aan de gast of het onderwerp. Als er schrijvers te gast zijn, gaat het meestal blindelings op mijn mp3-spelertje. Net als Desmet Live met Theodor Holman, vooral de vrijdaguitzending met De wereld volgens Stine Jensen en de vermakelijke rubriek Ketter en geest van Max Pam.
Daarnaast biedt de BBC nog drie luisterpeultjes aan die ik wekelijks beluister: Mark Kermode's filmrecensies, het geschiedenisprogramma In Our Time van Melvyn Bragg, en Mayo's Book Panel met besprekingen van nieuwe Engelstalige boeken. En als ik zomaar zin krijg in oude hoorspelen snuffel ik rond op het Radio Nostalgia Network of de peulplukpagina bij OTR Cat.
Er ligt uiteraard nog een wereld aan luisterpeultjes open, maar dit zijn momenteel mijn favoriete podcasts. Meer dan genoeg om de week door te komen.

16 februari 2007

The Promise (2005)

Een Chinese sprookjesfilm van Kaige Chen, de regisseur van Farewell My Concubine. Het weesmeisje Qingcheng wordt door een godin voor de keus gesteld: een verschoppeling blijven of een mooie prinses worden. Zo'n keus is snel gemaakt zou je denken. Alleen zal Qingcheng als prinses nooit de ware liefde kennen. De vloek van het liefdeloos bestaan kan alleen ongedaan worden gemaakt als Qingcheng de tijd kan terugdraaien tot aan het moment waarop ze haar besluit heeft genomen.
The Promise is niet zo perfectionistisch georkestreerd als de megaproducties van Zhang Yimou (Hero, House of Flying Daggers), maar de vergelijking gaat ook mank omdat je een fantasyfilm niet kunt beoordelen met de meetlat van die Oosterse vechtkunstspektakels. Kijkers die zoiets verwachten zullen bij The Promise van een koude kermis thuiskomen. Al zitten er fraaie confrontaties in, zoals een robberpartijtje met rondcirkelende kamerschermen. Wonderlijk genoeg vond ik de grof ogende CGI sterk bijdragen aan de fantasiesfeer, het zijn soms net matte paintings die de achtergrond met verfstreken duiden en niet streven naar fotorealisme.
Mooi vertier wat GeeJee betreft, waarin verhaal en fantasie voorop staan. Promise schurkt aan tegen de stijl van Tsui Hark: rijke verbeelding, actiescènes die zichzelf niet serieus nemen (soms lijkt het wel een renkoekoekcartoon) en speciale effecten met rafelranden. Als extraatje krijg je er een toef romantische slagroom bij.

Trailer The Promise

13 februari 2007

Monarch of the Moon (2005)

"Now you listen to me, Moon Nazi!
Nobody invades America on my watch."
Weinigen zullen hem kennen, maar Yellow Jacket heeft Amerika keer op keer van de ondergang gered. Als gevechtspiloot viel hij in handen van de nazi's die hem bij een experiment per ongeluk transformeerden tot een superheld die macht heeft over wespen. Zodra het land van de vrijheid in nood verkeert, sjort Yellow Jacket aan zijn propeller en snort hij door de lucht om snode plannen te verijdelen.
In deze lowbudgetparodie op Amerikaanse serials uit de jaren veertig en vijftig moet de wespenheld het opnemen tegen de As van het Kwaad en zijn aartsvijandin uit het land van de rijzende zon: Dragonfly. De duivelse geisha collaboreert met de nazi's, beschikt over Japbots en heeft ook nog een doemsdagstraal in de aanbieding om de VS van de kaart te vegen. Kan Yellow Jacket het land van Uncle Sam redden? Zelfs als Dragonfly slechts een pion blijkt te zijn van de maanmonarch?
Deze onafhankelijke productie van de broertjes Lowry, uitgebracht onder de vleugels van Dark Horse Indie, zou je supermelig kunnen noemen, maar als je fan bent van oude serials als Flash Gordon en Radar Men from The Moon is het óók supergeinig. Het acteerwerk is toepasselijk knullig en de CGI-effecten lijken soms uit de graphics-middeleeuwen te komen. Hoort bij de lol. Evenals de spierballentaal van de zwart-geel gestreepte superheld. Te midden van alle nonsens weet Kimberly Page toch indruk te maken als de fraai uitgedoste Dragonfly; en Blane Wheatley speelt Yellow Jacket met eenzelfde flair als Buster Crabbe. Al heb ik Crabbe nog nooit met een sigaret in de mondhoek zien opstijgen in een zwarte walmwolk.
Filmcriticus Leonard Maltin noemde Monarch de film die Sky Captain and the World of Tomorrow had willen zijn. Nu vond ik Sky Captain vermakelijk, en Monarch ook, maar dit avontuur van de wespenheld is en blijft lowbudget (met alle beperkingen vandien) en in feite gewoon een ouderwetse serial, bestaande uit 6 afleveringen van elk zo'n 20 minuten, gemaakt met moderne middelen. Op de dvd is Monarch ook te bekijken in zwart-wit. Speciaal voor nostalgische kijkers als GeeJee.

Trailer Monarch of the Moon

11 februari 2007

Die Büchse der Pandora (1929)

Vergeet Greta Garbo, Marlene Dietrich of Marilyn Monroe, de enige echte femme fatale in de filmgeschiedenis blijft Louise Brooks als Lulu in dit meesterwerk van Georg Wilhelm Pabst. Met haar zwarte helmkapsel groeide Brooks in de jaren twintig van de vorige eeuw in een mum van tijd uit tot het stijlicoon van de roaring twenties, maar nergens schroeide haar erotisch geladen aanwezigheid zo veel brandplekken in het filmdoek als in Die Büchse der Pandora (Engelse titel: Pandora's Box).
Lulu is een ex-danseres die als een onvangbare passievlinder van de ene man naar de andere fladdert en daarbij een spoor van gebroken harten en verwoeste levens achterlaat. Niet in het minst haar eigen leven, want het noodlot brengt uiteindelijk Jack the Ripper op haar pad.
Een klassieker over onbedwingbare hartstocht die voortkomt uit het soort liefde dat iedereen ten gronde richt. Brooks werd onder de bezielende regie van Pabst een mirakel dat nog steeds inspireert, fascineert en de kijker volkomen wegblaast.

Eerbetoon aan Pandora's Box

10 februari 2007

Memoirs of a Geisha (2005)

Fraai ogende verfilming van de bestseller van Arthur Golden over Chiyo, een meisje dat door haar vader wordt verkocht aan een geishahuis en onder de naam Saruyi uitbloeit tot een beroemde geisha in Japan. Ik heb het boek niet gelezen, dus in hoeverre de film trouw blijft aan het papier weet ik niet, maar de filmversie wordt onderhoudend verteld.
Mooie plaatjes, goed acteerwerk (Li Gong spat zoals vanouds van het scherm), hoewel het ongetwijfeld een romantiserend beeld van de geisha's geeft. Al wist de film mij niet echt diep in het hart te treffen, toch zeer de moeite van het bekijken waard. Kijk uit naar de prachtige sleutelscène waarin The Chairman de kleine Chiyo hoop geeft en de sneeuwdans.

Trailer Memoirs of a Geisha

Bommel

Na Het Bureau is er weer een hoorspelreeks gestart op de Nederlandse radio. Hieperdepiep! Ik ben dol op hoorspelen, en Bommel vind ik nu al oneindig veel leuker, hilarischer, avontuurlijker, sfeer- en fantasievoller dan al dat ambtenarengeklep in Het Bureau. Logisch uiteraard, want de Bommelverhalen van Marten Toonder blijven geweldig.
Na de eerste 5 afleveringen beluisterd te hebben, ben ik helemaal gewend geraakt aan Mark Rietman als Heer Ollie B. Bommel. Eerst zit je nog met een brombeerstem in je hoofd, maar eigenlijk is de lichtere toon van Rietman erg geschikt voor de heer van stand en het verrukkelijke Nederlands van Marten Toonder doet de rest. Krijn ter Braak is meteen een perfecte Joost. Alleen blijf ik twijfelen over Jacob Derwig als Tom Poes, de stem had hoger mogen zijn want het is en blijft toch een poes. Ik had het liefst een vrouw in die rol gehoord, maar Derwig weet de nadenkende hmm's van de listen verzinnende vriend van Bommel goed te raken.
Ook leuk zijn de gastacteurs. In het eerste avontuur, Heer Bommel stuit de vooruitgang, weet Cees Geel van de tovenaar een heerlijk knorremorrend personage te maken; Fred Goessens is komisch als de Klokker in Tom Poes en de Klokker; en 'friemelpraat' is het Toonderwoord van de week. Dit is toch genieten, als u begrijpt wat ik bedoel.

08 februari 2007

Pirates of the Caribbean 2 (2006)

Wat doe je als een film een enorme kaskraker wordt? Juist... sequels draaien om meer gouden dubloenen in de piratenkist van de studio te krijgen en dat is met Dead Man's Chest grandioos gelukt. Helaas valt niet hetzelfde te zeggen over de kwaliteit. Dit soort publieksfilms hoeft echt geen hoogstaande filmkunst te zijn, maar de zoektocht naar de schatkist van Davy Jones, de octopuskapitein van de Vliegende Hollander en heer over het verwoestende zeemonster de Kraken, wordt over te veel zeemijlen uitgesmeerd en eigenlijk alleen amusant in een handvol actiescènes.
Het scenario rammelt als een sleutelbos en de eerste drie kwartier vond ik erg ongeïnspireerd en ronduit kinderachtig (de inboorlingen). Tegen dergelijk materiaal is zelfs een lustig erop los schmierende Johnny Depp als Jack Sparrow niet bestand. Zodra Bill Nighy als Davy Jones ten watertonele verschijnt (leuke rol met dank aan mooie CGI) lijkt het lang de goede kant op te gaan en zowaar nog spannend te worden (een hoogtepuntje is toch het zwaardgevecht op een rollend waterrad), maar na het slotspektakel met de Kraken gaat alles als een nachtkaars uit. Ofwel: regisseur Gore Verbinsky geeft alleen een schot voor de open boeg van het derde deel, Pirates of the Caribbean: At World's End.
En shiver me timbers... ik ben nu toch benieuwd hoe het afloopt met Captain Jack. Ik hoop alleen dat het slotdeel teruggrijpt op de klassieke charme van het origineel, want die wordt in dit deel node gemist.

Trailer Pirates of the Caribbean: Dead Man's Chest